Zwemles borstcrawl: veel water happen

zwembad De Welle DrachtenMijn eerste zwemles borstcrawl ooit zit erop. Collega Jolanda was vorige week zo genereus om geheel belangeloos drie kwartier met mij het zwembad De Welle in Drachten in te duiken om me de eerste beginselen van de borstcrawltechniek bij te brengen. Het werd – voor mij althans – tijdens deze zwemles borstcrawl: veel water happen en af toe gefrustreerd raken van mijn eigen onkunde.

Zwemmen is niet mijn sterkste punt. Dat wist ik al. Verder dan diploma-A ben ik vroeger nooit gekomen. Vorige week werd me (pijnlijk) duidelijk dat ik er ook echt geen natuurtalent in ben. Ik dacht dat hardlopen mijn struikelblok zou worden tijdens de kwart triathlon. En dat kan natuurlijk nog steeds, het is immers het laatste onderdeel. Maar ik denk dat vooral het zwemmen erg zwaar gaat worden.

In eerste instantie dacht ik er gewoon niet teveel bij na: een kilometer zwemmen, ach, dat doe ik wel even. Gewoon beetje schoolslag-bewegingen en dan ben ik er. Maar collega’s dachten daar anders over, vonden dat ik de borstcrawl moest leren. En zo kwam het dat collega Jolanda en ik in het zwembad (een écht 50-meterbad, wat een luxe!) van Drachten terecht kwamen.

Vreemd genoeg ben ik altijd erg optimistisch, overmoedig en reuze onrealistisch over dingen die ik nog niet kan. “Ach, dat doe ik wel even, dat heb ik vast zo onder de knie, hoe moeilijk kan het zijn?” Soms wordt die overmoed beloond, maar evenzo vaak genadeloos afgestraft. Zo ook tijdens deze zwemles. Met een waar engelengeduld probeert Jolanda me de beginselen van de borstcrawl bij te brengen. Flipperende benen, diepe ligging van hoofd in het water, armbeweging, scheppende handen. Ik denk dat er her en der wel wat aan geschaafd kan worden, maar al met al gaat dit nog niet eens zo slecht.

Wat is dan het probleem? De ademhaling. Ik kreeg (en krijg) het maar niet onder de knie. Op het moment dat ik met mijn hoofd in het water ga vergeet ik uit te ademen. Draai ik weer opzij om te ademen dan moet ik dus eerst uitademen. Dat werkt dus niet. Na één of twee slagen raak ik buiten adem en moet ik stoppen. Of hap ik een hele sloot chloorwater naar binnen. En kom ik hoestend en proestend tot stilstand.

Toch was mijn privézwemjuf heel positief over mijn progressie. Ik was immers al veel beter gaan zwemmen, zo constateerde zij. Na wat tegensputteren moest ik haar daar gelijk in geven. Maar feit blijft dat ik natuurlijk gewoon van mezelf vind dat ik het moet kunnen. En dus wordt het de komende weken oefenen, oefenen en nog eens oefenen. En anders gewoon lekker schoolslag en als laatste het water uit. Eerst worden hoeft voor mij namelijk niet, ik wil de kwart triathlon gewoon volbrengen, meer niet!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *