Le Grand Ballon 2013

Het is heet, erg heetop deze eerste dag van augustus 2013. Volgens de eigenaren van ons vakantiehuisje in de Franse Elzas zijn deze temperaturen -het is al weken ruim 35 graden- uitzonderlijk voor deze streek. Ik heb lichtelijk de zenuwen. Vandaag wordt een zware dag. Vandaag staat mijn ‘koninginnerit’ van deze vakantie op het programma, Le Grand Ballon.

Goed voorbereid ben ik niet. In mei 2012 ben ik moeder geworden. Sinds de geboorte van onze zoon heb ik enkele keren gefietst, totdat ik in oktober ineens een peesontsteking in mijn linkerschouder oploop. Een paar jaar geleden had ik er in mijn rechterschouder al eens last van, ik (her)ken de pijn dus direct. De blessure blijkt deze keer erg hardnekkig: pas eind mei 2013 stap ik weer op mijn racefiets, zo’n acht maanden later dus. Weg is de pijn niet, maar ik vlieg tegen de muren op: fietsen wil ik, kilometers maken, tegen de wind in beuken, afzien, m’n kop leegrijden. Dus ik besluit om niet langer te wachten en weer op te stappen.

Frustratie

Mijn eerste ritje? Maar liefst 15,6 kilometer… Rustig aan beginnen, niet forceren, dat is deze weken mijn motto. Want mijn racefiets móet en zal mee op vakantie. In het voorjaar namelijk bleef mijn tweewieler thuis tijdens onze trip naar de Ardennen. Enorm frustrerend was dat: manlief fietst de stenen uit de Belgische wegen, ik zit balend op een vakantiepark te wachten tot hij weer terug komt. Een herhaling wil ik voorkomen. Maar dan moet ik wel rustig aan doen.

En het lukt! Ik weet 10 keer te ‘trainen’ zonder dat de blessure verergerd voordat we afreizen naar la douce France. In totaal heb ik een schamele 350 kilometer op de teller staan. Bij lange na niet genoeg natuurlijk voor een fatsoenlijke klimprestatie, maar het is beter dan niks! De eerste twee ritten voeren mij over cols in de Vogezen / Elzas vlakbij ons vakantieadres: de Col du Wettstein en de Col de la Schlucht.

Obstakel

GrandBallonNWDe derde rit is de zwaarste: Le Grand Ballon. Het zwaartepunt ligt net na de start en in de laatste kilometers: stijgingen van 8 en 6,5 procent. Eenmaal de auto geparkeerd in het plaatsje Kruth ben ik onrustig, onderweg naar de ‘startplek’ hebben we een gedeelte van de klim al met de auto gereden, het zag er pittig uit. Vervelend obstakel: wegwerkzaamheden met een verkeerslicht juist op het stuk met hoogste stijgingspercentage. Daar maak ik me nu al druk om: als ik moet afstappen wordt het een lastig karwei weer op gang te komen. Ik ben op dat gebied niet zo handig…

De eerste kilometers gaan goed, totdat ik rechtsaf draai de echte beklimming op. Poeh, wat is het heet. Flashback naar de beklimming van de Col du Wettstein, toen kon ik mijn hitte niet kwijt en moest ik tussentijds afstappen. Ik zwoeg voort, vastbesloten om het afstappen zo lang mogelijk uit te stellen. In de verte doemt het verkeerslicht van de wegwerkzaamheden op. Shit. Groen. Harder Nienke, dan hoef je niet af te stappen. Helaas…er zit weinig extra kracht in mijn benen en met lede ogen moet ik aanzien hoe het licht genadeloos op rood springt. Voet uit het klikpedaal en wachten dan maar.

En waar ik vooraf al voor vreesde, gebeurt: het licht springt op groen en ik kom niet op gang. Ik ben bang om met té weinig snelheid om te vallen voordat ik mijn vrije voet kan vastklikken. Ik stuntel een paar keer en besluit dan maar met de fiets aan de hand te gaan rennen. Rennen? Op fietsschoenen? Inderdaad, dat loopt voor geen meter. Ik hijg als een oud paard als ik eenmaal bij het tweede verkeerslicht en tevens einde van de werkzaamheden ben aangekomen. Binnensmonds vervloek ik de Franse wegwerkers én mezelf. Schakel een paar tandjes zwaarder en probeer dan nogmaals op te stappen. En kijk aan: het lukt! “Muts”, denk ik bij mezelf. “Zie je nu wel dat je het wel kunt.”

Vloeken & tieren

Blij dat ik weer rijd, maar lekker gaat het niet. Het stukje hardlopen heeft flink wat energie gekost, de warmte is overal, verkoeling is nergens. Eindelijk, in de verte, zie ik mijn topsupporters: man & zoon. Ik besluit even te stoppen, ben bijna aan het hyperventileren van de hitte. Het zien van die twee lieve koppies geeft me nieuwe energie. Na wat uitpuffen, vloeken en tieren vervolg ik mijn klim. En wat manlief zei, klopt: vanaf nu wordt het minder steil!

Ik vind een lekker ritme, heb een cadans te pakken. Hoe snel ik ga? Geen idee, mijn chrono is al tijden stuk. Maar het maakt me niet uit, het voelt lekker. Af en toe zie ik man en zoon langs de kant van de weg, al soignerend en fotograferend rijden zij met me mee omhoog.

Pijn & motivatie

Op een wat vlakker stuk word ik ingehaald door een mollige Vlaming op een mountainbike, zijn helm bungelt aan zijn stuur. Hij roept iets over dat het hier lekkerder gaat. Ik grom instemmend, ondertussen balend dat ik word ingehaald. Dat die superfitte man plus dito jonge zoon mij aan het begin van de Col inhaalden, dat was slikken, maar voelde wel oké. Ze zagen eruit alsof ze meer dan 350 kilometers hadden gereden. Maar dat deze Vlaamse gezette meneer op mountain bike notabene mij passeert, het doet even pijn. Tegelijkertijd geeft het me motivatie: ik versnel en lange tijd blijft het gat tussen ons hetzelfde, pas als het weer wat steiler wordt, verlies ik hem uit het oog. NienkeGrandBallon2

Bij Le Markstein is het onrustig: veel drukte, veel afleiding. Paragliders in de lucht, veel geparkeerde auto’s, wandelaars op de weg. Ik moet rechtsaf naar de top van Le Grand Ballon en verleen de auto’s die van links komen voorrang. Omdat het hier even licht daalt, heb ik flinke snelheid. Niet zo handig dus van die ene automobilist om nét na het kruispunt stil te gaan staan. Ik klap er bijna bovenop maar weet er nog net omheen te sturen.

Babbelen

Ineens een bekend gezicht naast: de Vlaming van zonet! Hij hijgt zwaar, heeft het zwaar gehad, vertelt hij me. We raken geanimeerd in gesprek. Als ‘geroutineerd’ journalist besluit ik hem vragen te stellen. Zo kan ik mooi mijn adem sparen terwijl hij kletst! Al babbelend fietsen we met gemak een paar kilometers naast elkaar. Hier is het niet steil, het gaat een beetje op en af. Het is hier vooral druk en wat smaller dan op de rest van het parcours, dus opletten geblazen.

Hé, daar rechts in de berm staan man & zoon. “Vanaf hier wordt het steil”, roept mijn man me nog net toe. Oh ja, dat is ook zo: het venijn van Le Grand Ballon zit in de staart. “Ik zie u boven wel, fietst u maar lekker door”, zeg ik tegen de zuiderbuur. De man denkt dat ik hem nog wel bij zal kunnen houden, maar ik ken mijn benen. Die zijn (nog) niet geschikt voor het zware klimwerk.

Het is doorbijten die laatste kilometers. Rechts van me zie ik een groene rodelbaan. Die ken ik, eerder deze week ben ik met de auto aan deze kant Le Grand Ballon opgereden om mijn sportieve man op de top op te wachten terwijl hij deze van de andere kant zou gaan beklimmen. Oké, goed nieuws, die rodelbaan is vlakbij de top, dat betekent dus dat ik er bijna ben!

En ja inderdaad, een laatste bocht naar rechts en daar is de verlossende top! Ik heb het gehaald. Onderweg afgestapt? Ja, helaas wel. Maar ben ik trots? Absoluut! Want met slechts 350 kilometers in de voorbereiding en nog steeds een lichte pijn in mijn schouder vind ik dat ik het er helemaal niet slecht vanaf heb gebracht! Mijn Vlaamse-vriend-voor-één-klim bereidt zich voor op de offroad afdaling. Dit keer zet hij zijn helm wel op. Het blijft me verbazen hoeveel wielrenners zonder helm rijden. Alsof je bergop niet kunt vallen en/of aangereden kunt worden. Ik wens hem een behouden afdaling toe, zelf stap ik in de auto, afdalen is absoluut niet mijn specialiteit, ik vind het doodeng!

En wat is er als beloning op de top? Een kus van man en zoon en natuurlijk trots poseren bij het bordje. Dubbel en dwars verdiend al zeg ik het zelf!
NienkeGrandBallon.jpg

Een gedachte over “Le Grand Ballon 2013

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *